Ondanks crisis blijft metalelektro industrie innoveren

Ondanks de crisis blijft de metalektro volop innoveren. Daarbij gaat het zowel om technologische als om sociale innovaties. Dat stellen onderzoekers van de Universiteit Maastricht.

Ruim zes op de tien bedrijven in de metalektro willen dit jaar een of meer technologische innovaties uitvoeren. Dat percentage ligt maar iets lager dan in 2008 toen 65 procent innoverend bezig was. Het lijkt er sterk op dat de innovatieplannen op de korte termijn niet naar beneden bijgesteld worden in de crisis, schrijven onderzoekers Gerla van Breugel, Andries de Grip en Ben Kriechel van de Universiteit Maastricht in het economen-blad ESB. Ook op de langere termijn zien ze slechts een minimale vermindering van de innovatieplannen. Op het gebied van ontwikkeling van diensten die nieuw zijn voor de markt, is er zelfs sprake van een stijging. De onderzoekers vinden dat opmerkelijk. De metalektro heeft juist erg te lijden onder de crisis. Veel bedrijven worden geconfronteerd met een ongekende vraaguitval en een sterk krimpende werkgelegenheid. Dat stelt bedrijven voor een dilemma dat bijvoorbeeld de bouw ook heeft. Aan de ene kant hebben bedrijven te kampen met een structureel tekort aan jonge instroom uit het technisch onderwijs en zullen door de vergrijzing veel medewerkers met pensioen gaan. Aan de andere kant is er momenteel te weinig werk voor het huidige personeel.

“De spanning tussen de behoefte op langere termijn aan goed opgeleid technisch personeel en de vraaguitval op korte termijn dwingt bedrijven om afwegingen te maken tussen de kortetermijnkosten van het in dienst houden van het personeel en de langetermijnbehoefte aan personeel”, aldus de onderzoekers. Voor het innovatiebeleid geldt volgens hen dezelfde afweging. De kortetermijnkosten moeten worden afgezet tegen de noodzaak om ook op langere termijn voldoende concurrerend te zijn door het leveren van hoogwaardige producten en een hoge arbeidsproductiviteit. Dat geldt zeker voor een sector als de metalektro die te maken heeft met een sterke – ook internationale – concurrentie. De onderzoekers zien nu dat bedrijven tot nu toe alles doen om hun vaste hoogopgeleide personeel te behouden. Dat gaat ten koste van de flexibele schil. Inleenkrachten en personeel met een contract voor bepaalde tijd gaan eruit. Dat komt omdat in de hoogconjunctuur bedrijven veel hebben geïnvesteerd in hun vaste personeel. Gevolg is wel dat hoger opgeleid personeel af en toe werk zal moeten doen dat onder hun niveau ligt. Maar bedrijven houden op die manier wel het menselijk kapitaal vast waarover zij juist op langere termijn bij een aantrekkende economie willen beschikken.

bron:   www.cobouw.nl

    Plaats een reactie

    Advertise Here
    Advertise Here
    Advertise Here